Sint Maarten

Sint Maarten

Matteüs 25, 14-15; 19-20 Sint Maarten

Vroeger duurden heiligverklaringen veel langer dan tegenwoordig. Nu kan het gebeuren, zoals bij Johannes Paulus II, dat bij iemand die recent heilig verklaard is achteraf toch nog dingen aan het licht komen die je van een heilige niet zou verwachten. De heilige Martinus van Tours zal in zijn vroegere leven als soldaat ook dingen gedaan hebben die niet bij een heilige passen. Dat vond hij trouwens zelf ook, toen hij later door de bevolking tot bisschop gekozen werd verstopte hij zich daarom in een ganzenhok. Maar ja, de ganzen hielden het niet stil, Martinus werd bisschop van Tours, en tot op de dag van vandaag eten we Sint-Maartensgans.

Na zijn dood in 397 kwam weliswaar de verering op gang, maar pas toen in het geheugen van de geschiedenis de goede herinneringen alle minder heilige herinneringen overdekt hadden werd hij heilig verklaard.

Behalve regeringsleiders bij wie de macht hen in de bol is geslagen loopt waarschijnlijk niemand van ons rond met het idee: oh, wat ben ik toch goed bezig, ik lijk wel een heilige, kijk mij nou het licht brengen. En toch straalt er waarschijnlijk meer licht door je heen dan je denkt.‘Soms breekt uw licht in mensen door’ zingen we hier regelmatig. Dat licht zagen de mensen ook bij Martinus, zeker toen hij het licht deelde en zijn mantel als een mantel van warmte en licht om de schouders legde van de bedelaar. In de laatste kluizenaarsmail vertelden heel wat mensen uit onze gemeenschap wie voor hen een licht is. Soms ben je een licht voor de ander zonder dat je er erg in hebt. Straks komen de kinderen terug met hun lampionnetjes. Waarschijnlijk ben je vaker zo’n lampionnetje dan je denkt. Als je goed kijkt ben je voor de ander vaker een mantel van licht en warmte dan je door hebt.

Dat overkomt ook de knechten in ons evangelie. Ze krijgen allemaal een portie licht in beheer, de één 5 talenten, de ander twee, en nog een ander één talent. Licht om door te geven en warmte om anderen te verwarmen zodat ook zij weer warmte en licht kunnen doorgeven. Wanneer de heer terugkeert blijkt dat bij twee van de drie het licht alleen maar meer was geworden, zij hebben licht en warmte doorgegeven, en tot hun eigen verrassing is er daardoor alleen maar meer licht en warmte in de wereld gekomen. Dat hadden ze niet verwacht. Net als Martinus bij zijn bisschopswijding staan ze er een beetje beduusd bij.

De derde heeft zijn talent begraven, diep onder de grond waar het koud is en waar geen licht meer kan komen. Net als op reformatorische scholen lhbt-kinderen niet aan het licht mogen komen. Hoe kan je toch als christen toch denken dat God zijn licht en zijn warmte alleen in hetero-mensen wil laten stralen? En moeten lhbt-mensen het licht en de warmte dan maar begraven? Bij die derde knecht maakte het licht diep onder de grond geen kans om uit te stralen, en de warmte is onder de grond verkild. – Een corona-tijd nog voor dat de mensheid ervan kon weten.

En hoe hunkeren we in deze tijd naar licht. De lampionnetjes van de kinderen hebben we meer dan nodig. En we hebben elkaar nodig, dat we voor elkaar licht mogen zijn. Dit jaar verlangen we meer nog dan anders naar warmte. Er zijn mensen die in de afgelopen acht maanden alleen door hun kapper zijn aangeraakt. Hoe verlangen we toch naar een arm om de schouder. Hoe verlangen we toch naar een halve mantel waarin nog de warmte van de ander hangt.

Maar de ganzen houden het niet stil. Krijsend gaan ze tekeer. En net als ze Martinus toeriepen om zijn talent niet te begraven, zo maakt de Sint-Maartensgans ons wakker en roept ons toe: Hoeveel talenten heb jij niet gekregen? Hoeveel licht blijk je toch keer op keer te ontvangen, hoeveel warmte krijg je niet, al legt de ander jou maar een halve mantel om de schouders? Dan kan het zomaar zijn dat die halve mantel van warmte en licht zo groot wordt dat je het zelfs dan nog warm genoeg hebt als je op jouw beurt de helft ervan weer weggeeft.
Dat we het licht binnen laten, dat we ons laten verwarmen. Mogen we dan voor de ander een lampionnetje zijn. Mogen we de mantel van licht en warmte met elkaar delen.

Ekkehard Muth, 15 november 2020