Opnieuw op weg

Opnieuw op weg

1 Koningen 19, 4-8

Eindelijk is Elia in slaap gevallen en het liefst zou hij nooit meer wakker willen worden worden. Hij is moe, moe van alsmaar weer een nieuwe crisis, moe van alsmaar weer moeten roepen dat het ook anders kan, moe van alle krachten die alles bij het oude willen houden, moe van de mensen die zo snel mogelijk  terug willen naar het oude normaal en die zich niet zoals Pieter Derks afvragen: was dat oude normaal wel zo normaal?

Maar dan ruikt hij de geur van versgebakken brood, ‘in gloeiende kooltjes gebakken’ staat hier, verser en smaakvoller kan niet – alsof een engeltje op je tong piest – Zo raakt de engel Elia dan ook aan: ‘word wakker en eet wat.’

Geloven in de tijd van Elia betekent klaar te zijn voor als de messias komt. Dat je alert bent om hem niet te missen. En dat je zo leeft dat de messias meteen kan aanschuiven. Tot op de dag van vandaag wordt in vrome families en bij feesten altijd bij het tafeldekken een extra bord neergezet; voor Elia, in de hoop dat de messias komt. Jezus maakte grote kans om als messias gezien te worden, maar, oneerbiedig gezegd, hij heeft het net niet gehaald. En de andere grote kanshebber was Elia. Wanneer Jezus aan het kruis roept ‘Eli, Eli, lama sabachtani’, mijn God, mijn God, waarom hebt gij mij verlaten, dan denken de mensen dat hij Elia roept. Want eigenlijk hebben ze zowel bij Elia alsook bij Jezus het idee dat zij wel heel erg dicht in de buurt van de messias komen.

Elia was dan ook een scherpe en uitgesproken profeet. Misschien zou hij vandaag de dag roepen: mensen, pak deze crisis aan om het roer om te gooien. Hoeveel duidelijker moet het nog worden? Jullie steunen de luchtvaart met 3,4 miljard euro maar de verpleegkundigen worden afgescheept met een eenmalige uitkering van 1.000 euro? De terrasjes gaan eerder open dan de verpleeghuizen. We demonstreren tegen racisme en slavernij, maar hoe gaan we om met de werknemers die in de vleesfabrieken onze kiloknallers maken? Jullie houden terecht anderhalve meter afstand, in de kerken zingen jullie niet eens voor God, maar voor een weekje zon aan een van de costa’s gaan jullie wel doodleuk dicht op elkaar gepakt in een vliegtuig zitten.

Kom op, jullie hebben toch wel een ander verhaal te bieden dan dat de markt het allemaal gaat oplossen? Jullie hebben toch een andere drijfveer dan geld verdienen? Vertel dat andere verhaal dan, namelijk: dat de mens en dat deze wereld aan God toebehoort. Dat jij nou eenmaal waardevoller bent dan alle geld van de wereld. En dus dat we daarom als gemeenschap voor elkaar zorgen ook al kost ons dat meer geld dan alle KLM’s bij elkaar. Dat we het daarom ook veel en veel belangrijker vinden om onze ouders in het verpleeghuis te bezoeken dan een biertje op een terrasje. Dat we daarom zorgen voor goede arbeidsomstandigheden ook al wordt ons karbonaadje dan wat duurder. En dat we daarom maar wat minder naar de zon vliegen, dan krijgen onze natuur en ook wijzelf namelijk veel meer lucht.

We hebben een ander verhaal. Zo vervelend deze crisis ook is, toch ruiken we tijdens de crisis ook de geur van vers brood, ‘in gloeiende kooltjes gebakken’, de geur van dat het dus anders kan. Pak deze crisis dus aan, hoe duidelijk wil je het nog hebben, hoe hard moet de engel je nog op de schouders tikken. Ga niet terug naar het oude normaal, zo normaal was dat namelijk niet.

Maar na de afgelopen maanden zijn we gewoon moe. Moe van dat alles anders gaat, moe van de eenzaamheid, moe van alsmaar moeten opletten, moe van dat je baan en je inkomen op de tocht staat, moe van alle cijfers, sommigen van ons zijn ook moe van de ziekte zelf die ze hebben doorstaan. We zijn ook moe van dat het oude normaal nu helemaal niet meer zo normaal blijkt te zijn, en we worden al helemaal moe van al die profeten die roepen dat het nu heel anders moet.

Zouden we misschien ook het liefst onder een struik gaan liggen en pas weer wakker worden als het allemaal weer goed is?

Maar dan is er toch die geur. Die geur van hoe het zou zijn als we toch leven volgens dat andere verhaal. De geur van stel dat we zo met elkaar leven dat de messias zomaar kan aanschuiven. Die geur van vers brood, in gloeiende kooltjes gebakken. En dan is er die engel die op je schouders tikt: word wakker en eet wat. Die engel die ons nog een keer aanraakt: sta op en eet!

En dan gaan we, het is net als bij Elia nog een weg van veertig dagen door de woestijn, we mogen niet zingen, niet te dicht bij elkaar komen, en we ruiken weliswaar aan het brood, maar we delen het nog maar niet letterlijk met elkaar. Een weg waar veel dingen die we in ons leven gewend waren anders zullen worden. Maar de engel raakt ons aan en we gaan opnieuw op weg.

Ekkehard Muth, 5 juli 2020